Limeira 11de november 1901

Beminde vader, moeder, broeders & zusters

Daar Theophilo nu gezond is terug gekeerd en ons hier alles verteld heeft hoe het nu op Eksaarde gesteld is en ons gezegd heeft dat Gij allen in de beste gezondheid en welstellendheid zijt, dat komt mij zeer te verheugen en geve de goede God dat hij u nog vele jaren wilt vergunnen want dat doet mij groot plezier van als men na zoveel werken en slaven zich enigszins op zijn gemak kan gaan leven in zijne oude dagen, dat wens ik U uit de grond mijn harten, in de hoop dat wij ook zo gelukkig mogen zijn wens ik U een voorspoedig en gelukkig Nieuwjaar.

Nu moet ik u nog wat schrijven over zaken, namelijk over de ajuin. Ajuin die heb ik den 12 den october in Santos en 14 dagen daarna in Limeira ontvangen en wedermaal ondervonden hoe het is in Brazilië affairen met Europa te doen, hij heeft mij gekost in Santos alleen 16.50 milreis dan 132 milreis van vracht tot in Limeira en als hij dan toekwam was al zoveel ajuin hier dat ik hem niet kon verkopen. Ik heb verkocht 60 küster aan 20 mil, 28 aan 15 mil, 2 aan 14 mil en de overige heb ik nu nog liggen. Zo dus kunt ge zelf zien hoeveel ik daar aan gewonnen heb, dat is plaats in de zak, maar wie kan daar aandoen, gij niet en ik ook niet, had hij hier één maand vroeger geweest daar had altijd 5 a 600 frank aan overgeschoten.

En nu over wat anders namelijk van den Koffie het hoofdartikel uit Brazilië. Van als Theophilo vertrokken is, dat is den 14 augustus, tot als hij wedergekomen is heeft het niet eens geregend en daardoor heeft den koffie zeer veel geleden, hij heeft driemaals gebloemd maar van de twee eersten is weinig gebleven en Theophilo heeft hem nog zien bloemen maar den onzen was zo wits dat men geen bladeren zag en van deze zijn bijna alle gebleven, maar in het algemeen geeft het dit jaar zeer weinig koffie en allen denken dat hij het toekomende zal duurder zijn, want bij ons is de hitte nog niet zo groot geweest als naar Jaboti Cabal en Boiberon Poeta, daar hebben zij tot 42 graden hitte gehad, bij gevolg zijn de weiden voor het vee zeer slecht geworden en daardoor veel gestorven.

Want 8 dagen voor dat Theophiel is thuis gekomen was onze bast zo droog alsof het gebrand had, en het gevolg van deze droogte is het volgende dat ik in Augustus mais geplant heb die ik in October weder uitgerooid heb met het gedacht andere te kunnen planten maar dan heb ik moeten wachten tot den 14 november. Dan heb ik 12 algier op eens geplant want het land lag alles gereed maar met het ploegen is het dit jaar niets geweest, het was door de droogte altijd te hard, en als het regende te laat. Nu zijn wij aan het ploegen, namelijk Heliodor Lees en Edmond de Mol.

Op de bast bij Roudolf zijn huis daar wil ik 4 algier ploegen en “milko” planten en dan gras er in zaaien. Ik denk de andere week gedaan te krijgen met planten, maar het geeft me ongelofelijk veel werk want wij moeten nu alles opkuisen en ik gebruik dagelijks 40 milreis aan werkvolk, en zo het ons gegaan is gaat het eenieder. Ook nog een geval door de droogte, als ik naar Santos was om de ajuin te gaan halen, is ons land afgebrand van aan de brug langs de weg die naar de koffie gaat tot aan de koffie maar nu is alles voorbij en weer goed. Maar er zijn hier geen mensen hoe oud zij ook zijn die van zulke droogte weten. Nog een gevolg van deze droogte op het einde van September werd de milko nog verkocht voor 55 milreis de kar en nu kost deze reeds 90 milreis

Nu op het ogenblik hebben wij Petrus De Mol zijn koffie gekocht voor 5 milreis het algier, 605 algier , alsook 4500 kilo zuivere koffie van de fazienda Roosa . Die wilden wij den 18 november naar Antwerpen zenden bij de heer Standaert, welke zijn zoon bij Theophiel woont en ik geloof dat hij het gewend zal worden . met één woord onze zaken staan zeer goed.

Nu moet ik u nog melden dat Petrus De Mol ook toebereidselen maakt om naar België te komen met de maand Februari, en gisteren heb ik horen zeggen dat Louis Fiers ook van zin is van na de koffie oogst te komen. Onze zuster Rosalie heeft weer een jonge dochter gekregen dat zijn er nu reeds zeven, maar ze zijn allen gezond. Maar Heliodor die heeft geen geluk met zijn vrouw die heeft weer een voorval gehad en is reeds 3 weken ziek maar nu is zij reeds beter en kan al een weinig werken, hij is nog altijd bij Theophiel daar is niet zoveel werk als bij mij en daar is het beter voor haar.

Leon die is altijd nog even gezond maar ook nog altijd even koppig. Theophiel heeft ook gezegd dat julliej graag een zak koffie zou willen kopen, welnu Theophiel zal aan Dhr Standaert schrijven dat hij zoveel Gij wilt afgeeft, zo zal het best gaan.

Nu om te eindigen moet ik u meedelen dan als wanneer Theophiel nu alles verteld hoe het op Eksaarde is, hoe ik zeer zienzuchtig en hoop als het geld mij het toelaat van in het begin van Maart u en alle bekenden nog eens te bezoeken want sedert Theophiel is wedergekomen verlang ik zeer daar naar, ik weet nog niet of ik zal kunnen.

Als ik in maart vertrek kan ik nog voor het koffie plukken terug zijn want ik denk dat wij toch 3000 algier zullen hebben en ik geloof ook dat Leon wil meekomen als het mogelijk is.

Nu nog wat Theofiel mij heeft gezegd, dat een dochter van nonkel Domien van Aalst zo graag zou meegekomen zijn welnu dat is goed en doe de complimenten dat als wanneer ik kom ze wil meenemen en haar verzorgen als ware het mijn eigen dochter.

Nu moet ik eindigen en verzoek u de goedheid te hebben van de complimenten te doen aan de broeders en zusters en alle bekenden maar bijzonder aan victor dat hij het maar goed doet al is hij maar klein er ook nog iets uit hem kan worden, want hem kan ik niet vergeten om zijn goede hoedanigheid van welwillendheid. Doe ook de complimenten aan Dhr Standaert van Antwerpen en als hij wil hier goede zaken te doen zijn met de koffie en dat wij ons best zullen doen. Nu in de hoop als het mogelijk is van u allen in goede gezondheid te vinden, groet ik u in naam van de ganse familie

Uw zoon

Petrus

Brief uit Limeira op 11 november 1901